Dag 52 -
De eerste dag van april begon niet als een grap. Rond middernacht werd ik wakker
van een redelijk tekeergaand schip. Gedurende de hele nacht werd ik steeds wakker
en als ik naar buiten keek zag ik alleen maar witte schuimkoppen en water wat langs
het schip vloog. Ook hoorde je de lashing kraken en was er van een lege flat rack
container vlak bij mijn hut het kopschot door de wind ingeklapt, dit moet dan gekomen
zijn doordat de vergrendeling het begeven heeft door de harde wind die op het kopschot
blies. Gedurende de nacht was het een windkracht negen uit het westnoordwesten en
werd het aan het einde van de ochtend meer voelbaar omdat we koers wijzigde. Gedurende
de nacht en net toen ik uit bed ging keek ik naar buiten en zag je en voelde je dat
het schip flink werd opgetild en daarna snel naar beneden zakte en je enorme witte
golven zag ontstaan.
Even voor zeven uur ben ik eruit gegaan, normaal lopen in je hut was moeilijk, want door de (snelle) bewegingen van het schip naar alle kanten is het moeilijk je evenwicht te bewaren. Dit is normaal gesproken het moment waarop je zeeziek bent, met een lege maag van een liggende naar een staande positie gaan en gaan lopen. Dit keer voelde ik er niets van. Even getwijfeld of ik nog een douche zal nemen, want dat is erg lastig, je haar wassen met één hand ! Toch ging ik douchen en met één hand je goed vasthouden ging het wel.
Daarna naar beneden (met de trap) naar het ontbijt. Alles was goed vastgezet en de soort wijnglazen voor de jus d’orange waren vervangen door stevige whisky glazen. Je kon het janken en kraken van de lashing bars horen, waarmee de containers vaststaan aan dek. De krachten hierop zijn enorm. Na het ontbijt weer terug naar boven, de camera pakken en naar de brug. Toen ik terug was in m’n hut voelde ik m’n maag een klein beetje, maar weet dat je dan het beste naar de brug kan gaan en zorgen dat je de horizon ziet.
Of wat je daarvan kan zien. Eenmaal op de brug aangekomen zag ik pas hoe slecht het weer was geworden. Golven met een hoogte tussen de zes en de negen meter en een noordwesten storm met kracht negen zijn niet niks, ook niet voor een groot schip als dit, en zeker niet in de Middellandse zee. De boeg dook steeds erg naar beneden en pakte daarna weer een grote golf en ging weer met een hoge snelheid omhoog. Hierbij ging het schip ook heen en weer, want de wind en de golven kwamen immers schuin van voren.
De kapitein had in de nacht al de snelheid teruggebracht naar een 15,5 knopen, omdat
22 knopen niet verantwoord is in dit weer.
Rond 06:00 werd er melding gemaakt door
een klein containerschip dat hij drie containers verloren was, ten noordwesten van
onze positie rond die tijd. Dit is erg gevaarlijk, want die containers van vijf á
zes ton blijven net onder het wateroppervlak drijven en zijn dus niet te zien, zeker
niet in het donker en in dit weer. Verder van die containers geen last gehad. Op
de radar zag je kleine schepen alleen maar met de kop in de wind liggen, omdat deze
niet echt veel vaart maken in dit weer en er dus ook nog langer in blijven. In de
ochtend passeerden we zo’n klein schip. Af en toe waren de golven zo krachtig dat
ze tegen de romp beukte en een flinke berg waternevel over het schip heen gooide.
De situatie in de vroege ochtend leek een beetje op de scene met het containerschip
uit de film ‘Perfect Storm’, maar dan zonder dat er containers overboord sloegen.
Het werd iets rustiger aan het einde van de ochtend, maar toch was het nog een windkracht zeven en golven tussen de drie en vijf meter. Ik ging rond 10:30 uur weer naar beneden en probeerde nog even een uurtje m’n ogen dicht te doen, omdat de nacht erg onrustig was en je ook niet stil bleef liggen door de bewegingen van het schip. Dit had ik beter niet kunnen doen. Toen ik rond 12:00 uur naar beneden ging en eenmaal aan tafel zat had ik het koud en begon te zweten. Ik had geen trek en heb mij tijdens het voorgerecht ook geëxcuseerd en ben terug naar bed gegaan. Na een kleine drie uur geslapen te hebben was het zieke gevoel helemaal weg en merkte ik dat het schip nu aan het rollen was. Ik ging rond 16:30 uur weer naar de brug en daar zag je en merkte je goed dat het nu vooral de wind en de ‘swell’ uit het noorden was wat er nu voor zorgde dat het schip rolde. De wind kwam nu van opzij en soms schuin van achteren. Omdat de stabiliteit vrij goed is en het zwaartepunt goed ligt, deed het schip er zo’n 17 seconden over om van het middelpunt naar stuurboord, bakboord en weer terug naar het middelpunt te gaan. Het leek veel erger, maar het schip rolde ‘maar’ 10° naar bakboord en ongeveer 5° naar stuurboord, omdat daar de wind tegenaan blies.
Als de stabiliteit niet goed is, wanneer het zwaartepunt erg laag ligt, kan het schip omslaan wanneer het schip het verste punt helt. Wanneer het zwaartepunt te hoog ligt, wil het schip heel snel weer terug naar z’n evenwicht en dan ontstaan er op de lashing stangen zoveel krachten dat er containers overboord kunnen gaan.
Om 16:15 werd er een maandelijkse oefening gehouden voor het geval dat het schip verlaten moeten worden. De kapitein was op de brug en hield alles goed in de gaten, want bij het rollen van een schip gaan er juist veel containers overboord. Gelukkig bleek de lashing sterk genoeg en was er verder geen schade. Bij 11° ging er alleen een klein schoteltje in het keukentje op de brug kapot, het enige wat niet goed vaststond. 10° ging nog wel voor het schoteltje, 11° was net even te veel.
Inmiddels liet het weer het wel toe om weer 22 knopen te varen, de hoge en krachtige golven waren inmiddels voorbij en de blauwe lucht kwam alweer tevoorschijn. Wat ook meehielp aan het afnemen van de golven was dat we nu in het verlengde voeren van de Balearen (Onder andere de eilanden Mallorca en Ibiza). De wind kwam uit het noorden en de zee had dus als vanaf de Zuid Franse kust de tijd om zich te ontwikkelen richting het zuiden, waar wij voeren. Dit alles speelde zich af ten noorden van Algerije. We hebben in totaal zo’n twee uur verloren door het slechte weer, dus met economische snelheid zijn we nog steeds op tijd in Southampton op de vierde.
Het diner bestond uit een tomatensoep vooraf (het schip rolde niet meer zo erg, dus de soep bleef in het bord) en als hoofdgerecht gerookte vis met aardappeltjes. Als nagerecht kaas en fruit. Het schip voer nu rustig en ook waren bijna alle wolken verdwenen. Tijd voor een rustige nacht zonder onderbrekingen.
Vorige pagina | Menu | Volgende pagina
