Dag 05 - Onderweg van Le Havre naar Malta, Golf van Biskaje (Donderdag 14 februari 2008)

Om 04:00 werd ik plotseling wakker en keek naar buiten. Niets te zien, maar het schip rolde en stampte licht, dus ging ik weer verder slapen.

Na het ontbijt richting de brug gegaan, want daar had ik afgesproken met de Lt Secu die mij een instructie zou geven over de diverse noodsignalen, wat er dan aan de hand is en hoe dan te handelen. Ook over het gebruik van de diverse reddingsmiddelen. Allereerst werd het zwemvest gedemonstreerd en uiteraard zelf ook geoefend. Met de zwemvest om kan je maar van maximaal 4,5 meter springen, omdat anders het vest kan beschadigen. Je springt met je armen rustend om de bovenkant van het vest en je voeten gekruist. Je armen moeten er dan voor zorgen dat nadat je in het water terecht komt het vest gaat drijven en het vest niet tegen je kin aan komt. Op het zwemvest zit een fluit en een nood knipperlicht (handmatig bediend) In het zeewater in Noord-Europa, hou je het maar 4 tot 6 minuten in water van 10*C vol zonder overlevingspak( immersion suit). Met zo’n Immersion suit sis h mogelijk, afhankelijk van de omstandigheden, tot 6 uur te overleven in water van 0-2 *C. Op de brug is een trainingsexemplaar van zo’n Immersion suit. Ik heb deze na een uitleg ook zelf geprobeerd. Hoewel dit niet verplicht is, vind ik het wel handig om te weten hoe het werkt in geval van nood. Het is een soort slaapzak van een speciaal soort rubber wat echt enorm warm is. Je kan het pak het beste aantrekken door te gaan zitten (schoenen uit) en eerst je benen erin te doen. Vervolgens gaan staan en je armen in het pak steken. Je hoofd moet daarna door een beschermende ‘muts’ die op het pak zit. De opening waardoor je het pak bent ingekomen moet je over je hoofd heen slaan zodat je er bij kan om de rits te sluiten. Daarna rol je dit stuk op en haak je de haken vast aan de riem voorop je pak. Door die ‘rol’ in je nek blijft je hoofd boven water en blijft je lichaam in een drijvende positie. Ook zitten er reflecterende delen op en een noodlampje en fluit. Door middel van een touw kan je je vastmaken aan andere bemanningsleden om bij elkaar te blijven. Dit pak mag je alleen aantrekken als de kapitein daar toestemming voor geeft, want het is buiten de reddingsboten en vlotten het laatste redmiddel. Als het alarm klinkt voor ‘abandon ship’ (schip verlaten), dan moet je je Immersion suit meenemen, zoveel mogelijk warme kleren aantrekken en wat eten/drinken en indien van toepassing medicijnen. Zelfs in de warmste gebieden op aarde, waar het water 29*C kan zijn, is nog een Immersion suit nodig om het langer vol te houden. Je lichaam is tenslotte 38*C en verliest door nog steeds warmte in water van 29*C.

Er zijn twee reddingsboten aan beide zijden, met elk een capaciteit van 40 personen. Welke er gebruikt wordt hangt af welke bereikbaar is. Er zijn speciale schema’s opgesteld met de takenverdeling tijdens calamiteiten. Tevens zijn er nog reddingsvlotten op het voorschip (iets daarvoor, om schade door golfslag te voorkomen) en het achterschip. Deze reddingsvlotten zijn geschikt voor ongeveer 6 personen en zijn daar bedoeld om bemanningsleden te kunnen laten ontsnappen mochten zij ingesloten zijn en de accommodatie niet meer kunnen bereiken door bijvoorbeeld brand aan dek.

In de reddingsboten is eten en drinken aanwezig, evenals vistuig en dekens. Echter neemt iedereen toch nog zoveel mogelijk extra eten en drinken mee. Op de brug is ook een nood radar transponder aanwezig, zo kunnen de reddingsvlotten en boten toch nog opgepikt worden door de radar.

Elke maand moeten er volgens de SOLAS (Safe Of Life At Sea) reglementen oefeningen gehouden worden om de diverse noodsituaties te trainen.

De Golf van Biskaje is verbazingwekkend stil voor de tijd van het jaar, aldus de bemanning. De golven waren ’s nachts/ochtends 2 meter, maar later werd dat 1 á 1,5 meter. Zo’n groot schip als dit met een diepgang van 14,6 meter heeft niet zoveel last van de ‘swell’, de lange golven die soms bijna niet te zien zijn maar wel voelbaar. De kleinere schepen om ons heen hebben er duidelijk ‘last’ van. Het weer was ’s ochtends half bewolkt, maar de bewolking verdween in de loop van de ochtend en weer volop zon. Het was zo’n 16*C met een windkracht 4 a 5. Het zeewatertemperatuur is 12*C. De gemiddelde snelheid lag zo rond de 24,5 a 25,0 knopen op maximum vermogen (94rpm).

De lunch bestond uit zeeslakken vooraf (niet echt mijn favoriet en heb helaas de helft laten staan) en als hoofdgerecht Franse frites met biefstuk. Als dessert kaas, ijs en koffie.

Gedurende de middag heb ik nog wat foto’s uitgezocht, een enorm karwei, dat wel, maar gelukkig is het grote karwei het kiezen tussen de vele goede foto’s. Dit is een geweldige camera. Rond 16:15 werd er een oefening gehouden voor de nieuwe bemanning om het schip te verlaten. De regels schrijven voor dat als er een grote bemanningswissel is geweest, er zo snel mogelijk oefeningen worden gedaan. Tijdens de oefeningen was de kapitein alleen op de brug en hield de koers in de gaten. We waren inmiddels net de ‘traffic separation zone’ van Cap Finisterre ingevaren. Dit is bij de Noordwest kant van Spanje. Diverse schepen gingen we voorbij, veel kleine schepen die zichtbaar last hadden van de golven. Als een groot containerschip ga je vrijwel alle schepen voorbij.

De planning is dat we morgen, de 15e rond 1600-1700 de Straat van Gibraltar invaren en de aankomsttijd op Malta zal zondag de 17e rond 09:30 zijn. De kapitein wist niet of we nog vertraging op zullen lopen, omdat het werk op Malta niet altijd even snel gaan. Het kan dus zo zijn dat we door een paar uur vertraging extra op Malta, het Suez konvooi niet meer halen en een dag voor anker moeten op de rede van Port Said, Egypte. Er is maar 1 konvooi per dag zuidwaarts, daarvoor moet je om 19:00 ‘verzamelen’ op de ankerplaats en vaar je het kanaal binnen rond 00:00-01:00. Indien schepen 19:00 niet halen, kan je voor extra kanaalgelden ook nog iets later aankomen.

Om 18:30 ging de ‘bonded store’ open en kon ieder bemanningslid (en ik ook natuurlijk) zijn bestelling doen en overhandigde de chef-kok je drinken. De ‘bonded store’ bevat buiten de frisdranken ook wijn, bier en sigaretten. Deze kamers zijn verzegeld door de douane en mogen pas op open zee opengemaakt worden.

Het diner bestond uit vooraf een tosti, als hoofdgerecht aardappelpuree met worst (ja, die was al eerder voorbij gekomen deze week, maar dan van de andere chef-kok) en als nagerecht kaas, fruit en koffie.

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

Vorige pagina | Menu | Volgende pagina